PKN
Adventskerk Zwolle-Zuid
 
Beleidsplan Kerkmuziek Beleidsplan Kerkmuziek

Op 17 december 2010 heeft de kerkenraad onderstaand Beleidsplan Kerkmuziek vastgesteld.

"Een kerk waar muziek in zit"

INHOUDSOPGAVE
1. Voorwoord
2. Doelstelling
3. Vertrekpunten
4. De rol van muziek in de liturgie
5. Liederenkeuze
6. Vocale muziek
7. Instrumentale muziek
8. Financieel
9. Inbedding en vaststelling
 

Bijlage: Verantwoording

1. Voorwoord
Voor u ligt het nieuwe ‘Beleidsplan kerkmuziek’ van de Adventskerkgemeente.
Het vorige ‘beleidsplan Kerkmuziek’ dateert uit de periode vóór het algemene ‘beleidsplan van de Adventskerk 2007-2011’ en is vastgesteld in kerkenraadsvergadering van 10 mei 2004.

In het ‘beleidsplan van de Adventskerk’ stond als specifiek onderwerp genoemd voor 2008 het actualiseren van het ‘beleidsplan Kerkmuziek’ door de Raad Eredienst. Het was er tot op heden nog niet van gekomen om dit beleidsplan kerkmuziek op te stellen. De kerkenraad heeft de Raad Eredienst in het voorjaar 2010 verzocht een nieuw beleidsplan kerkmuziek op te stellen en te laten vaststellen in 2010.

Voor dit doel heeft de Raad Eredienst een commissie benoemd bestaande uit Jan Nabers, Johan Tent en Korrie Vrolijk. Zij hebben in samenspraak met vele betrokkenen het beleidsplan kerkmuziek opgesteld.
We zijn ons ervan bewust dat het proces voor het opstellen van het beleidsplan kerkmuziek minstens zo belangrijk is als het uiteindelijke plan zelf. Het proces is daarom zorgvuldig vormgegeven en afgestemd met de kerkenraad. In bijlage A is het proces van totstandkoming van het beleidsplan kerkmuziek als verantwoording opgenomen. De inzet was de beperkt gegeven tijd zo goed mogelijk te benutten en naar een concreet resultaat toe te werken, inclusief het raadplegen van bronnen. Want muziek is een onderwerp waarover heel veel is en kan worden geschreven.

Een ieder die, in welke vorm dan ook, een bijdrage heeft geleverd en heeft meegedacht zijn wij hiervoor zeer erkentelijk.

We hebben als commissie toegewerkt naar een plan dat dienstbaar is aan de gemeente (toegankelijk, bruikbaar en hanteerbaar). We zijn ons ervan bewust dat we ten behoeve van de leesbaarheid concessies hebben moeten doen aan diepgang en volledigheid.
Het nieuwe beleidsplan kerkmuziek ligt nu voor u. Wij zijn blij met wat er is bereikt. Niet alleen met het plan dat er nu ligt maar evenzeer het met elkaar in gesprek zijn over dit boeiende onderwerp.
De Adventskerk is een kerk waar muziek in zit.

Namens de Raad Eredienst,
de commissie beleidsplan kerkmuziek

Terug naar inhoudsopgave

2. Doelstelling
Met het opstellen van het beleidsplan kerkmuziek zijn wij op zoek geweest naar onze opdracht, naar wat ons als gemeente samenbindt en wat ons inspireert, grote woorden, waarachter mogelijk nog hogere verwachtingen schuilen. Als Adventskerkgemeente maken we deel uit van een groter geheel (binnen Zwolle en PKN) en dat brengt ook afhankelijkheden en verwachtingen met zich mee. In het beleidsplan kerkmuziek doen wij een poging om deze inzichtelijk te maken. Ook aan de concrete vragen rond het uitgebreide aanbod van (nieuwe) muziek (liederen, vormen, instrumenten, etc) wil het plan niet voorbij gaan. Het beleidsplan kerkmuziek wil een handvat bieden voor het omgaan met deze nieuwe liederen en liederenkeuze, hoofdstuk 5 gaat hier verder op in. Welke ruimte nemen we, welke ruimte geven we?
Bij het opstellen van het beleidsplan kerkmuziek is lied 175 uit Tussentijds een bron van inspiratie geweest, met adem als kernbegrip. Op de thema-avond op 27 mei troffen ons de prachtige woorden van dit lied: de essentie van de lofzang. 

Zolang wij adem halen
schept Gij in ons de kracht
om zingend te vertalen
waartoe wij zijn gedacht:
elkaar zijn wij gegeven
tot kleur en samenklank.
De lofzang om het leven
geeft stem aan onze dank.

Al is mijn stem gebroken,
mijn adem zonder kracht,
het lied op and’re lippen
draagt mij dan door de nacht.
Door ademnood bevangen
of in verdriet verstild:
het lied van uw verlangen
heeft mij aan ’t licht getild!

Het donker kan verbleken
door psalmen in de nacht.
De muren kunnen vallen:
zing dan uit alle macht!
God, laat het nooit ontbreken
aan hemelhoog gezang,
waarvan de wijs ons tekent
dit lieve leven lang.

Ons lied wordt steeds gedragen
door vleugels van de hoop.
Het stijgt de angst te boven
om leven dat verloopt.
Het zingt van vergezichten,
het ademt van uw Geest.
In ons gezang mag lichten
het komend bruiloftsfeest.

Afbakening
In dit beleidsplan kerkmuziek staat centraal de gemeentezang tijdens de eredienst, de begeleiding daarvan en de inbreng van andere vormen van muziek in de eredienst.
De orde van dienst, de wijze waarop de reguliere eredienst binnen de Adventskerkgemeente is ingericht, is voor dit plan een gegeven. Het beleidsplan kerkmuziek gaat uit van de verscheidenheid aan invulling van de erediensten binnen de Adventskerkgemeente: de ‘reguliere diensten in het kerkelijk jaar’ en de diensten met een specifiek karakter zoals voor ‘groot en klein’, kerk-school-gezin, ‘Wind in de zeilen’-diensten. Ook de diensten die vanuit een andere invalshoek worden georganiseerd vormen een gegeven: Jeugdkerk, Taizédiensten, ‘Opendeurdiensten’, rouw- en trouwdiensten.
Het karakter van de eredienst brengt soms een eigen muzikale invulling met zich mee (bv Taizé), of leent zich meer voor experiment (bv Opendeur), terwijl andere juist een bron van inspiratie voor persoonlijke inbreng kunnen zijn (bv (t)rouwdiensten).
Muziek beperkt zich overigens niet tot alleen de eredienst. Ook daarbuiten, bijvoorbeeld in vergaderingen, thuis, concerten en op zoveel andere plaatsen, kan muziek een inspirerende rol spelen. Muziek heeft een geweldige waarde: voor het geloof, om samen te binden, te inspireren, ook buiten de eredienst. De consultatieavond en de thema-avond voor dit beleidsplan kerkmuziek waren hiervan een mooi voorbeeld.

Terug naar inhoudsopgave

3. Vertrekpunten
Dit beleidsplan kerkmuziek heeft een aantal vertrekpunten:
> Als basis het beleidsplan van de Adventskerk Zwolle-Zuid 2007-2011 ‘Verscheidenheid in verbondenheid’. Het beleidsplan kerkmuziek sluit daar op aan. De verscheidenheid (de ruimte binnen de Adventskerk voor verschillende geloofsopvattingen) en de verbondenheid (dat wat gemeenschappelijk is en wordt gedeeld) zijn twee invalshoeken die in beide plannen terugkeren. In het beleidsplan kerkmuziek staan de lijnen die zijn/worden uitgezet in het beleidsplan van de Adventskerk niet ter discussie. In essentie wil het beleidsplan kerkmuziek ruimte bieden voor muzikale keuzen (verscheidenheid) en tegelijk op het gebied van muziek het gemeenschappelijke benoemen (verbondenheid).
> Inrichting van de erediensten en het kerkelijke klimaat. De ochtend erediensten in de Adventskerk die zich kenmerken door een redelijk vaste liturgische opzet (orde van dienst) met informeel-huiselijke momenten (binnenkomen, groeten, ontmoeten). Daarbij is de eerste ochtenddienst soberder opgezet dan de tweede. De avonddiensten kennen een minder vaste liturgische opzet. In de zomerperiode is er één ochtenddienst en geen avonddienst.
> Het beleidsplan kerkmuziek biedt ruimte aan de veelkleurigheid binnen de Adventskerkgemeente, maar kan per definitie ook weer niet tegemoet komen aan alle individuele voorkeuren en zienswijzen. De tekst van het beleidsplan kerkmuziek overstijgt het niveau van persoonlijke voorkeuren.
> De voorganger geeft in samenwerking met de betrokkenen (zoals organist, etc) invulling aan de eredienst. Daarbij wil het beleidsplan kerkmuziek voor de beroepskrachten een handvat bieden.
> Voor kerkmusici is het beleidsplan kerkmuziek een handvat bij de zoektocht naar wat past bij de veelkleurigheid van de Adventskerkgemeente en de behoefte aan eigen muzikale ruimte en inbreng.
> Vertrek punt voor het plan zijn ook het doel en de afbakening zoals geformuleerd in hoofdstuk 2

Uit het ‘beleidsplan Adventskerk Zwolle-Zuid 2007-2011’
Het ‘beleidsplan Adventskerk Zwolle-Zuid 2007-2011’ vormt een belangrijke basis voor het beleidsplan kerkmuziek. De Adventskerk is veelkleurig door de verschillende vormen van geloofsbeleving. Als gemeente willen we onderzoekend blijven en durven we onze eigen rituelen, gebruiken en gewoonten ter discussie te stellen, zonder daarbij de schatten uit het verleden te veronachtzamen.
De rijkdom aan veelkleurigheid vraagt dat we met elkaar in gesprek blijven. Bij de aanpak voor het opstellen van het beleidsplan kerkmuziek is daarom het gesprek met de gemeente een nadrukkelijk uitgangspunt geweest.
Het ‘beleidsplan Adventskerk’ spreekt over het zoeken naar nieuwe vormen van spiritualiteit, puttend uit de bronnen van het protestantisme en van andere christelijke tradities. Het ‘beleidsplan Adventskerk’ biedt ruimte voor experimenten, gedoseerd. Voor het beleidsplan kerkmuziek vertaalt dit zich naar ruimte voor variatie en andere vormen van muziek. Met ruimte en aandacht voor de belevingswereld van de verschillende leeftijdsgroepen.

Terug naar inhoudsopgave 

4. De rol van muziek in de liturgie

Muziek als opdracht, uiting en inning van geloof
Zingen is eigen aan de gemeente van Christus. God doet ons zingen. De bijbel roept ons op God lof te zingen: ‘God troont op de lofzangen van Israël’. Net als bidden richt zingen zich op de vertrouwelijke omgang met God. Met de uitspraak ‘Wie goed zingt, bidt dubbel’ geeft A. Augustinus de waarde van het zingen goed weer. Zingen ís liturgie, maakt daar onlosmakelijk onderdeel van uit, is niet de opluistering van liturgie. Zingen en bidden zijn de diensten waartoe de Heer haar gemeente oproept, de gemeente is aan het woord. Met de geestelijke liederen die wij zingen ‘ademen wij het Woord van God’ en worden wij beademd. Door samen te zingen neem je elkaar onder de arm, word je boven jezelf uitgetild, kan muziek zelfs een pastorale functie hebben. Het lied geneest en stelt in de ruimte (Frits Mehrtens). Muziek is bezinnen, belijden en beleven in één, tijdloos maar ook het voortzetten en vormgeven van de traditie van de kerk der eeuwen.

Muziek in verschijningsvormen
Bij het zingen, bij muziek speelt zowel de vocale als de instrumentale invalshoek een rol. Bij vocale muziek gaat het om psalmen, gezangen en andere liederen, berijmd en onberijmd, responsies, (meerstemmig, beurt‑)gezang door de gemeente, voorzanger en koren. Vocale muziek en instrumentale muziek hebben zowel samen als elk afzonderlijk een plaats in de eredienst. Zo kent instrumentale muziek ook ‘vaste’ momenten in onze liturgie, bijvoorbeeld: voor de dienst, tijdens het vertrek van de kinderen naar de kindernevendienst, als meditatief moment na de preek, tijdens collecte en na de zegen. Zelfs stilte is invulling van muzikale ruimte, hoe moeilijk het soms ook is om stil te zijn. Zingen en bidden gaan hand in hand (‘Het Heer ontferm u’, ‘het Onze Vader’ en de avondmaalsliturgie). Zingen is naast de stem ook het gebruik van bewegingen, gebaren en rituelen.

Muziek in essentie
Bij het zingen van een lied gebeurt heel wat. Een lied is een twee-eenheid van een tekst en een melodie. Een poëtische tekst, waarin elementen als beeldspraak, metaforiek, rijm en ritme een belangrijke rol spelen. De melodie maakt dat een tekst op een bijzondere wijze wordt verstaan, wordt onthouden, geheel anders bijvoorbeeld dan louter gesproken woord. Het samengaan van de tekst en de adequate melodie zijn van essentiële waarde. De melodie is, zoals J. Calvijn zegt: ‘De trechter waarlangs de tekst rechtstreeks in het hart druppelt en daar tot leven komt’.
Het hart, waarvan de toegankelijkheid subjectief wordt bepaald op basis van intuïtie en emotie. Anders gezegd: als iemand een geloofslied zingt met hart en ziel, stemt hij zichzelf af op Gods golflengte.

Muziek als persoonlijke beleving
Genoemde subjectieve bepaaldheid is een kenmerk van de veelkleurigheid aan geloofsbeleving. Onze gemeente is veelkleurig en kent verschillende stromingen en behoeften. Hiervan moeten we ons bewust zijn. Dat geldt evenzeer voor de beleving van muziek. Daar tegenover staat dat, ook al kenmerkt de tegenwoordige tijd zich in toenemende mate door een behoefte aan persoonlijke aandacht en inbreng, in de eredienst niet ‘naar de individuele behoefte kan worden bediend’; terwijl toch in wezen God en mens centraal staan! De ruimte aan muzikale invulling van de eredienst biedt bij uitstek de mogelijkheid om de veelkleurigheid te verbinden. Het geheel der erediensten kan een muzikale verbinding leggen met de veelkleurigheid.

Terug naar inhoudsopgave

5. Liederenkeuze

‘Een ieder zingt zijn eigen lied?’
Uit de gesprekken en ingezonden bijdragen gericht op het opstellen van dit beleidsplan kerkmuziek kwam overduidelijk naar voren dat de muziekkeuze, en dan met name de liederenkeuze, sterk leeft binnen onze gemeente. De schijn dat liederen niet mogen, het gevoel om niet de ruimte te krijgen voor de eigen geloofsbeleving in de gezongen liederen, maar ook de angst voor willekeur en gebrek aan eenheid en kwaliteit, roept soms emotionele reacties op. Reden waarom het beleidsplan kerkmuziek hier expliciet bij stil wil staan.

In het perspectief van de recente historie
Ons huidige liedboek is in 1973 geïntroduceerd. De omstandigheden toen waren heel anders dan bijvoorbeeld de omstandigheden waarbinnen nu het nieuwe liedboek wordt geïntroduceerd. Ter voorbereiding op het huidige liedboek bijvoorbeeld zijn componisten en tekstschrijvers gevraagd om hieraan een bijdrage te leveren. Ook was er in de periode eind ‘60/begin ’70 niet zo’n rijkdom aan alternatieve kerkliederen/bundels.
Nu zijn er aanzienlijk meer alternatieve bundels en liederen. Bundels die in de afgelopen decennia vanuit verschillende stromingen (PKN, RK, evangelisch werkverband, etc) om diverse redenen zijn ontstaan. Voorbeelden: Eva’s lied gericht op gelijkwaardigheid man en vrouw, Opwekkingsliederen, Tussentijds vanwege auteursrechten, Kind op zondag, Evangelische liedbundel, zingend geloven, etc. Bundels die zijn ontstaan als aanvulling omdat het huidige liedboek in bepaalde behoeften niet voorziet.
In de Adventskerk is in aanvulling op het Liedboek de bundel Tussentijds ingevoerd. Daarnaast heeft de Adventskerk een traditie in het gebruik van liturgica (drempelgebeden, acclamaties), het Dienstboek voor de PKN is hiervoor een rijke voedingsbodem.

Het nieuwe liedboek
Het voornemen binnen de PKN is met het nieuwe liedboek een verbreding en vernieuwing in te zetten die aansluit op het bestaande liedboek. Het nieuwe liedboek zal in 2012 verschijnen. De behoefte aan een nieuw liedboek is mede ingegeven om tegemoet te komen aan de verscheidenheid van gemeenten en de daaruit voortvloeiende behoefte aan een breder liederenrepertoire. Het nieuwe liedboek bevat: psalmen, gezangen, liederen van andere tradities en bewegingen, nieuwe (vertaalde) buitenlandse liederen, kinder-, jeugd- en tienerliederen, liturgica, canons, gebeden en meditatieve teksten.

Een expliciete keuze van liederen?
Is het de functie van een beleidsplan kerkmuziek om vast te leggen welke liederen worden gezongen? Hieronder enkele overwegingen bij deze vraag:
Zingen is beleving voor iedereen persoonlijk. Expliciete liederenkeuzen op basis van een normatief oordeel, neigen naar een oordeel over ieders geloof en benadrukken meer de verscheidenheid dan de verbondenheid. Het is beter met elkaar in gesprek te gaan over het eigen geloof en overtuigingen dan over de liederenkeuze die daaruit voortvloeit.
Expliciete keuzen kunnen leiden tot censuur en verstarring van de liturgie. Touwtrekken over regels en bepalingen zal ons niet veel verder brengen. En zeker niet de ruimte voor vernieuwing bevorderen, die het ‘beleidsplan van de Adventskerk’ voorstaat. De rijkdom aan liederen sinds de Psalmen en ‘Eenige Gezangen’ is enorm. In de loop der jaren zijn vele liederen toegevoegd, ook in de Adventskerkgemeente.
Het nieuwe liedboek wordt door de ‘Interkerkelijke Stichting voor het Kerklied’ samengesteld; acht werkgroepen, een redactie en deskundigen buigen zich hierover. Het is voor een plaatselijke gemeente als de onze een onmogelijke opgave met de beperkte eigen kennis criteria op te stellen voor de selectie van liederen. Dat kunnen we beter aan specialisten over laten. Daarbij ligt het voor de hand dat de Adventskerk de landelijke lijn volgt.
Als gemeente zouden we niet op zoek moeten gaan naar wat mag, maar wat er kan.
Er zijn de afgelopen periode veel reacties gekomen uit de gemeente die aangeven dat het maken van expliciete keuzen een ‘heilloze’ weg is. Men roept veeleer op elkaar wat ruimte te geven. Niet zichzelf als norm willen stellen, maar juist de ander ruimhartig als vertrekpunt te willen kiezen.
Op basis van de voorgaande overwegingen is onze conclusie dat in het beleidsplan kerkmuziek geen expliciete keuze voor te zingen liederen kan en moet worden gemaakt. Dit betekent ook dat niet op voorhand bepaalde liederen worden uitgesloten.

Houd de lofzang gaande
Maar wat dan wel, hoe verder met de ruimhartige houding als vertrekpunt? Wij zijn geroepen om te zingen, om de lofzang gaande te houden. Hoe bevorderen we deze opdracht? Wat helpt daarbij? Ook hiervoor zijn vele suggesties in woord en schrift naar voren gekomen. Er zijn recente publicaties waarin gepleit wordt voor de kwaliteit van tekst en muziek, maar in dezelfde artikelen wordt tegelijkertijd duidelijk hoe moeilijk het is criteria daarvoor te formuleren. Met verwijzing naar de onderstaande aandachtspunten wil het beleidsplan kerkmuziek een handreiking bieden om in de Adventskerk het gezongen lied volledig tot haar recht te laten komen en bijdragen aan enthousiasme en positieve ontwikkeling:
> Een kerklied heeft Bijbelse noties, poëtisch taalgebruik dat kan worden verstaan, een goedlopende tekst en draagt een heldere boodschap uit.
> Liederen hebben bij voorkeur een melodie die klankrijk is en aansluit bij de tekst.
> Het bewaken van een goed evenwicht tussen bekende, vertrouwde, goed zingbare liederen en liederen die met wat oefening aangeleerd kunnen worden, inspireert.
> Creëer afwisseling in soorten liederen, de ene keer uit volle borst, de andere keer liturgica, dan weer in devotie, etc. Bedenk dat er met name op hoogtijdagen een sterke behoefte is om uit ‘volle borst’ bekende liederen te zingen.
> De veelkleurigheid van de Adventskerkgemeente komt mede tot uitdrukking in de liederenkeuze van de voorganger.
> De gemeente heeft behoefte aan consistente instrumentale begeleiding. Voorkom het verschil in tempo/maat van hetzelfde lied zonder dat daar aanleiding toe is.
> Liederen hebben een verbinding met verschillende generaties, die zich elk op hun manier aangesproken weten:
- een kinderlied op een vast, vertrouwd, moment in de eredienst, doet kinderen opveren;
- de jeugd wordt geïnspireerd wanneer zij op zijn tijd ruimte krijgt voor eigen liederen en instrumenten;
- ouderen zingen graag liederen waarmee zij zijn opgegroeid en vragen om een goede verstaanbaarheid.
Laten we ons hiervan bewust zijn, zonder dat we in doelgroepen gaan denken.
Het nieuwe liedboek dat in 2012 verschijnt kan een rijke, nieuwe voedingsbodem worden, een inspiratie om de lofzang gaande te houden. Vanuit het beleidsplan kerkmuziek wordt de kerkenraad geadviseerd te zijner tijd positief te besluiten over de introductie van het nieuwe liedboek in de Adventskerk. Dit vanwege de mogelijkheden voor verbreding en vernieuwing: liederen van andere tradities en bewegingen, evangelische liederen, kinder-, jeugd- en tienerliederen, etc.

Terug naar inhoudsopgave

6. Vocale muziek
‘Als je God prijst, doe het dan goed!’, schreef een gemeentelid. En dat doen we: de Adventskerk gemeente heeft ‘een goede manier van zingen’. Natuurlijk willen we hier aandacht aan blijven geven en niet terugzakken. Wat kan daar bij helpen? Aspecten die een rol kunnen spelen zijn: de uitvoering, de inbreng van voorzang/koren en het oefenen.
Naast het ‘gewoon’ zingen van liederen is de variatie in de uitvoering door het zingen in wisselzang, canon, mannen/vrouwen, inspirerend. Laten we hiervan bewust gebruik maken.
Op het gebied van koren/voorzang kent de Adventskerk velen die muzikaal actief zijn: de cantorij, Adventuriers, voorganger/zanger, en biedt zij ruimte aan talenten van gemeenteleden en andere koren. Allemaal voorbeelden van hoe samen zingen samenbindend kan zijn. Laten we deze traditie voortzetten.

Het oefenen van liederen
Het aanleren van liederen vraagt om goede begeleiding. Zeker met de introductie van het nieuwe liedboek zal de behoefte aan het leren van nieuwe liederen toenemen en om een gestructureerde aanpak vragen. Maar ook nu al is het belangrijk dat voorganger en organist zich er goed van bewust zijn of een lied goed wordt beheerst of dat het nog moet worden aangeleerd. Is dit laatste het geval, creëer dan omstandigheden waarin een nieuw lied kan worden aangeleerd. Bijvoorbeeld bewust en structureel gebruik maken van de mogelijkheden van de cantorij, koren, voorzang en goede begeleiding (extra voorspelen). Bedenk daarbij dat het niet iedereen gegeven is om voor de gemeente te staan om een lied aan te leren. Benut de praktische mogelijkheden: voor de dienst inzingen, of bij aan te leren liederen op de beamer alle coupletten van noten voorzien in plaats van alleen het eerste.

De cantorij
De Adventskerkgemeente heeft het voorrecht een cantorij in haar midden te hebben. De woorden ‘bijdragen’ en ‘ondersteunen’ treffen misschien wel het best de rol van de cantorij. De gemeente luistert naar de muzikale bijdrage, de kwaliteit en variëteit van de cantorij en weet zich op andere momenten actief ondersteund bij het aanleren van een nieuw lied. De cantorij levert een bijdrage aan de viering en ondersteunt. Het gaat in de eredienst niet om een eigenstandig optreden. Per jaar neemt de cantorij ongeveer 8-10 keer deel aan de eredienst, dit wordt op jaarbasis ingeroosterd. De cantor is verantwoordelijk voor het muzikale niveau en de begeleiding van de cantorij, overeenkomstig het reglement van de Adventskerkcantorij. De voorganger overlegt met de muziekcommissie van de cantorij over de gewenste inbreng in de eredienst. Ook daar zijn de overwegingen rond liederenkeuze van belang (hoofdstuk 5). Beide zorgen dat dit tijdig gebeurt (6 weken voor de dienst) zodat er voldoende tijd is voor een goede voorbereiding. De voorganger stemt de muzikale gang van zaken in onderling overleg af met andere betrokkenen bij de eredienst.

Nog meer talenten
Er zijn, al dan niet geschoold, vele talentvolle gemeenteleden die hun muzikale kwaliteiten graag inbrengen in de eredienst. Van klein (de Adventuriers, aandoenlijk en enthousiast) tot groot (individuele gemeenteleden met individuele stem). Ook andere koren en muziekgroepen van buiten onze gemeente krijgen in de Adventskerk ruimte, om ons te verrijken en te inspireren. Daarbij lettend op het evenwicht tussen gemeentezang en zang van ‘derden’.

Terug naar inhoudsopgave

7. Instrumentale muziek

De kerk en het orgel
Voor dit beleidsplan kerkmuziek is de nieuw ingerichte kerkzaal van de Adventskerk natuurlijk een gegeven; van ‘Zomaar een dak boven wat hoofden’, naar een ‘Huis dat een levend lichaam wordt’. In de begeleiding van de gemeentezang wordt voornamelijk voorzien door het kerkorgel. Een Leeflang orgel met 10 registers en 547 pijpen. Een prachtig orgel, dat dragende en uitdagende mogelijkheden biedt. Bij een volle kerk is een zodanig gebruik van de registers gewenst (hogere tonen) dat ook achterin de kerk de gemeentezang voldoende steun heeft. Naast het orgel wordt de piano steeds vaker gebruikt, als begeleiding bij het kinderlied, in diensten met minder bezetting of gewoon omdat dit beter bij het gewenste karakter van de dienst past. De geluidsversterkende apparatuur is met de herinrichting vervangen en kan worden ingesteld voor zowel spraak als zang.

Vele mensen, vele wensen
In dit plan werd al op verschillende plaatsen iets over instrumentale muziek gezegd:
In hoofdstuk 3: De behoefte aan eigen muzikale ruimte voor musici.
In hoofdstuk 4: De rol van muziek in de eredienst, als begeleiding en autonoom.
In hoofdstuk 5: Het niet uitsluiten van bepaalde categorieën liederen. Het belang van uniformiteit in de begeleiding.
De kwaliteit van de uitvoering van instrumentale muziek wordt binnen de Adventskerk belangrijk gevonden. Zowel vocaal als instrumentaal is er behoefte aan kwalitatief hoogwaardige uitvoering. Het begrip kwaliteit is moeilijk af te baken, de inzet is waar mogelijk de kwaliteit te verbeteren, zonder ons te verliezen in moeilijk te vatten criteria en evaluaties.

Werken met vrijwilligers
De kerkenraad regelt de aanstelling van de organisten, de Raad Eredienst verzorgt de inhoudelijke begeleiding. Voor de organisten vormt het beleidsplan kerkmuziek het vertrekpunt. De Adventskerk streeft naar aanstelling van een vaste organist met een bevoegdheidsverklaring volgens niveau II conform de Generale Regeling voor de Kerkmusici van de PKN. Daarnaast werkt zij met meerdere vrijwillige organisten, zij hebben een bevoegdheidsverklaring volgens niveau III conform de genoemde regeling. Naast dat kerkmusici vakbekwaam zijn, voelen zij zich in liturgisch opzicht verwant met de Adventskerk.
Hoe zorgen we in deze situatie voor goede muzikale inbreng? Wat draagt daar aan bij?

Laten we om te beginnen ons ervan bewust zijn dat Adventskerk voor de muzikale inbreng leunt op de inzet van (schaars beschikbare) vrijwilligers. Musici die hun volle inzet, tijd en mogelijkheden aanbieden aan de kerk. Daar zijn wij als gemeente heel blij mee.
Om in deze situatie de best haalbare kwaliteit te bereiken is goede samenwerking een vereiste. Voor goede samenwerking geldt dat waardering voor ieders inzet het vertrekpunt is bij het geven van feedback. Goede samenwerking is gebaat bij heldere en eerlijke communicatie.

Organisten
De dienstdoende organist begeleidt gemeentezang, en mogelijk ook koor- en solozang in de eredienst. De voorganger en de organist stemmen onderling af over de gewenste begeleiding en de overige muzikale inbreng. Ook hier spelen de overwegingen rond muziekkeuze een belangrijke rol (hoofdstuk 5). Het eventueel gebruik van de piano gebeurt in onderling overleg. De voorganger bepaalt samen met de organist en andere betrokkenen bij de eredienst hoe deze – ook muzikaal – wordt ingevuld.

Wederzijdse verwachtingen
Het werken met meerdere organisten brengt met zich mee dat het individuele niveau en de mogelijkheden verschillen. Om de organisten optimaal te laten functioneren en presteren en de kwaliteit zo goed als mogelijk te borgen zijn de volgende aspecten van belang:
Elkaar goed informeren over vaste gebruiken en het tempo van zingen.
Het tijdig opstellen van het jaarrooster voor de erediensten.
Goed onderling contact tussen voorganger, organisten en kerkenraad. Een goede basis vormt de periodiek afstemming tussen de organisten en de vertegenwoordiger van de kerkenraad.
Het wederzijds uitspreken van wensen en verwachtingen en het toetsen of deze reëel zijn. De bereidheid tot periodieke evaluatie van de muzikale inbreng en zo nodig aanpassen daarvan. Feedback vragen (door organist) en feedback geven. De Raad Eredienst heeft hierbij een coachende rol.

Kerkmuziek
Bij de keuze van liederen voor de eredienst overleggen de voorganger en de organist of het lied kan worden begeleid. Hierbij speelt soms een rol of er begeleidingsmuziek beschikbaar is. Voor het oude kerklied is veel orgelliteratuur beschikbaar. Bij de introductie van de bundel Tussentijds was bijvoorbeeld in het begin niet voor alle liederen begeleidingsmuziek beschikbaar. Ook bij het nieuwe liedboek kan de beschikbaarheid van begeleidingsmuziek beperkingen met zich mee brengen.
Wanneer het nieuwe liedboek wordt geïntroduceerd is nauw overleg met organisten en cantorij nodig om dit soepel te laten verlopen.

Talenten bij gemeenteleden
Het instrument biedt bij uitstek een mogelijkheid om te verbinden. Misschien nog wel meer dan de stem omdat die toch een wat hogere drempel kent. Het is een uitdaging om de rijkdom van het instrument meer te benutten in de eredienst. Fluit, gitaar, harp, trompet, drum, viool, piano, ze zijn al dikwijls als instrument in de eredienst ingebracht. We zien ze voorbijkomen, afzonderlijk en als groep (bv. De Bazuin). In de Adventskerk willen we de muzikale inbreng van gemeenteleden graag stimuleren. Misschien biedt juist het instrument wel de mogelijkheid om jongeren aan te spreken (een eigen jeugdmuziekgroep?). Uitgangspunt is de zingende gemeente, dat vraagt een instrumentale begeleiding die evenwichtig is en niet overheersend.

Terug naar inhoudsopgave

8. Financieel
Het beleidsplan kerkmuziek heeft een meerjarig karakter. In dit plan worden daarom geen concrete bedragen en begrotingen opgenomen. Er wordt volstaan met een weergave van de begrotingsposten die op verschillende plaatsen zijn voorzien. Belangrijk is dat in de begroting voldoende ruimte wordt gecreëerd voor de muzikale ontplooiing van de Adventskerk. In de begroting voor de wijkkas is opgenomen:
- Budget voor gewone diensten.
- Budget voor ‘Wind in de zeilen’-diensten en andere bijzondere diensten.
- Bijdrage ten behoeve van de Adventuriers.
- Bijdrage in de kosten van cantorij/cantor.

In de begroting op stedelijk niveau:
- De vergoeding voor organisten. Deze is conform de landelijke vergoedingsregeling voor kerkmusici. De organisten declareren zelf bij het kerkelijk bureau.
- Kosten voor het onderhoud van het orgel.
De oratoriumvereniging Euphonia betaalt de kosten voor het stemmen van de piano. Als ruil daarvoor gebruiken zij de piano op repetitieavonden.
De Adventskerk hanteert als uitgangspunt dat het gebruik van kerkmuziek voldoet aan de regels van BUMA/STEMRA.

Terug naar inhoudsopgave

9. Inbedding en vaststelling
Dit beleidsplan kerkmuziek is op verzoek van de kerkenraad opgesteld onder verantwoordelijkheid van de Raad Eredienst. De kerkenraad en vervolgens ook de algemene kerkenraad stellen het plan vast. De Raad Eredienst bewaakt de uitvoering van dit plan en stemt waar nodig af met de kerkenraad. Het plan is zo goed mogelijk voor de betrokkenen toegankelijk en hanteerbaar gemaakt.
Voor de rolverdeling van de betrokkenen geldt in zijn algemeenheid:
- De voorganger bepaalt de invulling van de eredienst uitgaande van het beleidsplan kerkmuziek.
- De Raad Eredienst is verantwoordelijk voor het opstellen, het uitvoeren en het periodiek evalueren van het beleidsplan kerkmuziek. De Raad Eredienst speelt een stimulerende rol ten aanzien van de aandacht voor kerkmuziek zowel voor de eredienst als daarbuiten (communicatie over kerkmuziek, concerten, vorming & toerusting, etc).
- Het specifiek (laten) organiseren van de begeleiding van cantor en organisten valt onder verantwoordelijkheid van de kerkenraad, de praktische invulling is neergelegd bij de ouderling die namens de kerkenraad in de Raad Eredienst zit.
- De kerkenraad is verantwoordelijk voor het aanstellen van kerkmusici en eindverantwoordelijk voor de gang van zaken in de eredienst.

De looptijd van dit beleidsplan kerkmuziek is gelijk aan het huidige ‘beleidsplan van de Adventskerk’. Bij het te zijner tijd opstellen van een nieuw ‘beleidsplan van de Adventskerk’ wordt bezien of het beleidsplan kerkmuziek bijgesteld moet worden.

Terug naar inhoudsopgave

Bijlage: Verantwoording
Bij de totstandkoming van het beleidsplan kerkmuziek waren betrokken:
> (Een vertegenwoordiging van) de cantorij, de Adventuriers, de organisten, de kindernevendienst, de predikanten/beroepskrachten, individuele leden kerkenraad (de eerste kring)
> De Raad Eredienst en kerkenraad
> Individuele gemeenteleden
Het muziek beleidsplan is in stappen als volgt tot stand gekomen:
> Aanpak door Raad Eredienst (februari)
> Afstemming aanpak met de kerkenraad (maart)
> Opstellen verkenningsdocument:
- Doelstellingen uitgewerkt
- Welke onderwerpen komen aan bod
- Inventarisatie van relevante literatuur
> De 1e kring en gemeenteleden zijn uitgenodigd om schriftelijk mee te denken (maart)
> Voor de 1e kring en gemeenteleden is een consultatieavond georganiseerd (13 april)
> Voor de 1e kring is een thema-avond georganiseerd (27 mei)
> Oplevering concept beleidsplan kerkmuziek (juni)
> Vaststelling door de kerkenraad en AK (september, december)

Communicatie:
> Begin maart is aan de gemeente via kerknieuws een toelichting gegeven en is opgeroepen om mee te denken.
> Begin april is dit herhaald en is de gemeente uitgenodigd voor de consultatie avond op 13 april.
> Via kerknieuws is een terugblik gegeven op de consultatieavond.
> Op de gemeenteavond 28 april is de stand van zaken aan de gemeente teruggekoppeld.
> In het kerknieuws van oktober is de stand van zaken teruggekoppeld aan de gemeente.

Op de consultatie avond stond centraal:
> Met elkaar in gesprek over thema’s: wat leeft er….
- Wat betekent het zingen voor onze gemeente?
- Op welke manier voegen liederen iets toe aan de liturgie?
- Wat betekent koorzang (cantorij/Adventuries, etc) voor onze gemeente?
- Hoe belangrijk is instrumentale inbreng (orgel, piano, talenten van gemeenteleden)?
- Hoe kan kerkmuziek onderling samenbinden en verrijken?
> Wat zijn de echte discussiepunten: wat zijn de dilemma’s, dit is gebeurd aan de hand van stellingen
> Afgewisseld met zang onder leiding van de organist

Concepten van het beleidsplan kerkmuziek vormden de basis voor:
> de thema-avond 1e kring 27 mei 2010
> overleg Raad Eredienst 17 juni 2010
> kerkenraad 30 augustus 2010

Terug naar inhoudsopgave 

terug
 
 
 
Adventskerk

Contact redactie website

Berichten voor Kerknieuws:
copy inleveren maandag voor 12.00 uur
op 18 sep; 23 okt; 20 nov.

Berichten voor de Liturgie:
  (Berichten graag voor woensdag 20:00 uur insturen)

De Adventskerk is gevestigd aan het Talmaplein 2, 8014 AC Zwolle
Elke zondagochtend is er een dienst om 9.30 uur

Regelmatig worden er OpenDeur-diensten gehouden in de Adventskerk. In het seizoen 2017-2018 zijn deze diensten op17 september, 5 november, 10 december,
4 februari 2018, 18 maart en 13 mei 2018
. Deze diensten beginnen om 19.00 uur
Het jaarthema is: Soulfood voor Onderweg.

Elke zondagmiddag om 16.30 uur (uitgezonderd juni, juli, augustus en september) is er in de Grote of Sint-Michaëlskerk in het centrum van Zwolle een dienst onder verantwoordelijkheid van de Algemene Kerkenraad van de Protestantse Gemeente Zwolle. In juni, juli, augustus en september beginnen de diensten om 19:00 uur

www.grotekerkzwolle.nl/stadskerk/vieringen/

Voorzitter kerkenraad:
Arend van de Beld
Scriba:
Peter Izeboud
tel. (038) 465 2967

Predikanten:
Ds. Nelleke Eygenraam, 
tel. (038) 452 52 23,
Ds. Hans Tissink, 
tel. (038) 337 44 06

Bankrekening Wijkkas:
NL02 INGB 0004 7764 58 

Bankrekening Wijkdiaconie:
NL30 RABO 0113 9026 38

Het kerkelijk bureau:
Molenweg 241
8012 WG Zwolle
tel. (038) 421 75 96

www.pknzwolle.nl

 
 
 
  Protestantsekerk.net is een samenwerking tussen de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en Human Content Mediaproducties B.V.